De voorbije tijd was er veel aandacht voor de Artemis II-missie. Vier astronauten vlogen daarbij tot op 406.771 kilometer van de aarde — verder dan ooit tevoren een mens in de ruimte is geweest. Het was bovendien de eerste keer in meer dan een halve eeuw dat mensen opnieuw richting maan reisden. De laatste bemande maanmissie, Apollo 17, vond immers al plaats in 1972. Bij veel oudere mensen riep dat herinneringen op aan de eerste maanreizen van de jaren zestig en zeventig.
Naar aanleiding van die missie ontdekte ik ook iets bijzonders: op de maan ligt een tekst van een psalm. Toen astronauten in 1969 voor het eerst voet zetten op de maan, stuurden leiders van overal ter wereld boodschappen naar NASA. Die werden verzameld in een capsule die op het maanoppervlak werd achtergelaten. Daarbij zat ook een ondertekend exemplaar van Psalm 8 van paus Paulus VI. De psalm was met de hand in het Latijn geschreven en bezingt de grootheid van God en zijn schepping.
Ik geef even de tekst mee van die Psalm 8:
Heer, onze Heer, hoe machtig is uw Naam overal op aarde.
Uw hemelhoge pracht wordt zelfs bezongen door de mond van kind en van zuigeling.
Een hoge burcht trok U op tegen uw tegenstanders, de wraakzuchtige vijand sloeg U terug.
Als ik de hemelkoepel zie, door uw vingers gevormd, als ik maan en sterren zie, door U daar aangebracht: wat is de mens, dat U aan hem denkt, en het mensenkind, dat U voor hem zorgt?
U hebt van de mens bijna een god gemaakt, omkranst met glorie en pracht.
U laat hem heersen over het werk van uw handen, alles hebt U aan zijn voeten gelegd, kleinvee en grootvee, allemaal, en ook de dieren in het wild, vogels van de hemel en vissen van de zee; alles wat de oceaan doorkruist.
Heer, onze Heer, hoe machtig is uw Naam overal op aarde.
Paus Paulus VI schreef er vervolgens onder: "Tot eer van Gods naam die zulke grote macht aan mensen schenkt, bidden wij voor het succes van deze wonderbaarlijke onderneming. Paulus pp vi n. Chr. 1969."
En tot op vandaag ligt die psalm nog altijd op de maan.
In deze dagen kunnen we Psalm 8 op een bijzondere manier lezen en overwegen. Het is een lofpsalm over Gods grootheid en over de plaats van de mens in de schepping. De psalm ademt diepe verwondering: wanneer de mens opkijkt naar de hemel, de maan en de sterren, voelt hij zich klein en kwetsbaar — en toch vertrouwt God hem waardigheid en verantwoordelijkheid toe.
Zoals mensen in de jaren zestig en zeventig vol ongeloof en bewondering keken naar de eerste maanreizen, zo hoorde ik ook nu velen met verwondering spreken over de Artemis II-missie. Juist daarom blijft Psalm 8 vandaag zo actueel. Terwijl de mens steeds verder doordringt in het heelal, herinnert deze psalm ons eraan hoe bijzonder, maar ook hoe kwetsbaar de mens is binnen Gods schepping.
Gods Zegen, uw priester en Pastoor A. Penne
www.priesterpenne.be
Wilt u het Woord van de Pastoor voortaan in uw mailbox ontvangen? Klik hier.